In 1904 wordt Huis de Beurs flink uitgebreid met
een fraai pand aan het A-Kerkhof. Op de benedenetage komt een toneelzaal en op
de eerste een royaal concertpodium. Dit laatste wordt in 1917 tot bioscoop omgebouwd en krijgt
de naam ‘Beurs Theater’. Eind jaren ‘80 genoot deze een zodanig smoezelige
reputatie dat men besloot de deuren maar definitief te sluiten.
Tijdens de mei-kermis van 1932 werd het toneelstuk
Kamertjeszonde van Dirk Janssen in het Beurs Theater ten tonele gevoerd, niet te
verwarren overigens met de gelijknamige zedenschets uit 1898 van Herman
Heijermans. Deze Kamertjeszonde speelt zich af in de Amsterdamse Jordaan waar
Mooie Greet, werkzaam in de kroeg van haar vader, smoorverliefd wordt op een
stamgast, een rijke uitvreter. Deze weet Greet met allerlei valse en patserige
beloftes om zijn vingers te winden. Natuurlijk loopt dat allemaal verkeerd en
tragisch af. Zo gaat dat in het sociaal-realistisch drama. Maar uiteindelijk
krijgt het toch een gelukkige wending wanneer Dries, een doodnormale
volksjongen, stapelverliefd wordt op Greet. En zij op hem. Een tranentrekkende
smartlap waardig! De recensie
van Kamertjeszonde in het Nieuwsblad van het Noorden van 17 mei 1932 besluit
als volgt: Er is uitstekend gespeeld en
het publiek toonde zijn ingenomenheid door langdurig applaus. Het enthousiasme
voor dit kleinburgerlijke volkstheater sluit naadloos aan op het hoge bourgeoisie-gehalte
dat Huis de Beurs altijd had en nog steeds heeft.