Onder de
rand van het plafond boven de leestafel lezen we de tekst: Der sitzt und lernt. Het doet Duits aan,
maar dat is het niet: het is Jiddisch. De spreuk vraagt om uitleg. Maar dat
doen die zes eigenlijk allemaal, daar onder de rand van het plafond. We komen er af en toe afzonderlijk op terug.
Binnen de
Joodse traditie worden mannen die zich louter en alleen maar eindeloos bezighouden
met de bestudering van de Thora vrijgesteld van de dienstplicht en van betaald
werk. (De Thora, dat zijn de eerste vijf boeken van de Hebreeuwse Bijbel, welke
de grondslag vormen van het Joodse geloof.)
In het
Jiddisch is genoemd gezegde een cynische sneer naar die extreem orthodoxe
geloofsgenoten die de godganselijke dag maar heilige teksten zitten te lezen, te bestuderen en mateloos tot zich nemen. Maar de maatschappij schiet met deze gasten niets op. Ze zijn bijvoorbeeld van geen enkel economisch nut. En inhoudelijk is die Thora zo langzamerhand ook wel een keer helder, duidelijk en eenduidig uitgeplozen. Klaar!
Wanneer men
in Huis de Beurs aan een tafeltje gaat zitten en dan de ogen, maar vooral de oren
goed de kost geeft, dan past deze spreuk misschien ook wel een beetje de nieuwsgierige
gast: je verneemt wel eens wat van het tafeltje naast je, ter lering en vaak
vermaak. Je gaat zitten en je steekt stiekem wat op.
Het golvende, liggende streepje maakt het citaat lekker luchtig. En dat is wat het is.