Iets onder de rand van het plafond van het café van Huis de
Beurs zijn in sierlijke, goudkleurige kalligrafie een vijftal spreuken
aangebracht, spreuken die onze gasten vaak intrigeren. Men veronderstelt vaak dat het gezegdes zijn uit de Grunneger
toal. Maar dat zijn er slechts twee. De spreuken verwijzen subtiel naar de bijzondere
plek waar Huis de Beurs zich bevindt: aan de kop van van de Joodse
Folkingestraat, waarvan de tragische geschiedenis geen nadere uitleg behoeft.
Daarnaast hebben enkele spreuken betrekking op de voormalige graanhandel in de
Korenbeurs en op de functie die de Vismarkt als warenmarkt voor Stad en
Ommelanden al eeuwenlang heeft. Bij gelegenheid volgt een nadere uitleg.
Hier alvast de eerste spreuk: 'n Uur rust is ook verdainst.
De meeste van
onze gasten zijn altijd druk in de weer met van alles dat hun dagelijkse bezigheden
met zich meebrengen, die van de student, van de zakenman, de politicus, het
meisje van plezier, de toevallige toerist, de marktlieden, de winkeliers, de huisman
en de huisvrouw, de advocaat en haar cliënt, de rechter en de vuilnisman. Maar
elk verdient tussendoor ook even een rustig en zorgeloos moment. Even
de benen strekken. Doet men dat in Huis de Beurs, dan levert die gegunde en
genomen rust Huis de Beurs ook nog wat op.
Het mes snijdt hier aan twee kanten.